Noordhollands Dagblad: Geen grootschalige woningbouw boven het Kanaal in Noord-Holland na 2030? Friso de Zeeuw vestigt hoop op Mona Keijzer

MONNICKENDAM – PETER SCHAT, 17 juni 2024
Mona Keijzer ontmoet de pers in het gebouw van de Tweede Kamer vorige maand.
Waarom is Noord-Holland boven het Noordzeekanaal niet door demissionair minister Wonen De Jonge (CDA) op de lijst met grootschalige bouwlocaties voor na 2030 gezet? Het Economisch Forum van die regio snapt er niets van. „We vestigen onze hoop op de nieuwe woonminister Mona Keijzer (BBB). Zij komt uit de regio en heeft een realistischer kijk op verstedelijking dan haar voorganger”, zegt Friso de Zeeuw, voorzitter van het Economisch Forum.

De Zeeuw staat klaar, om in Den Haag ’met inhoudelijke argumenten en gebruikmakend van onze contacten deze fout te repareren’. De Jonge maakte begin van deze maand bekend naar zes gebieden in het noorden, oosten en zuiden van het land te kijken voor grootschalige woningbouw. Tot 2030 moet er een miljoen woningen bijkomen, maar ook daarna zijn er bouwlocaties nodig om het nijpende woningtekort structureel op te lossen, aldus De Jonge.

Vier ministeries brachten in kaart welke regio’s het meest geschikt zijn voor grootschalige woningbouw. De omstandigheden bleken het gunstigst in Brabant, de driehoek Apeldoorn-Deventer-Zutphen, Twente, Limburg, Groningen en Friesland. Waar is Noord-Holland boven het Noordzeekanaal, vraagt De Zeeuw zich af.

,,Nota bene heel Limburg en Friesland worden aangewezen als groeiregio’s, met een geringere woningvraag en minder werkgelegenheid dan Noord-Holland.’’ De aanwijzing is van belang, omdat er ondersteuning in de vorm van geld en beleid mee gepaard gaat. ,,Het komende kabinet heeft daar zes miljard voor in de pot.’’

Beverwijkse Bazaar
Voorbeelden van grootschalige woningbouwlocaties die na 2030 in beeld kunnen komen zijn in de regio Alkmaar de Kanaaloevers (6.500 woningen), Hoogkarspel-Zuid (3.000 woningen) in West-Friesland en in Beverwijk de Spoorzone (7.000 woningen) en de Beverwijkse Bazaar (4.000 woningen).

Op de vraag waarom die niet zijn opgevoerd, zegt De Zeeuw in de kabinetsstukken en bij het bevragen van gemeentelijke en provinciale bestuurders geen antwoord te hebben gevonden.

Back To Top