“De regio ga ik als eerste missen.”
Met die persoonlijke conclusie sluit Arthur Helling aflevering 7 van de podcastserie Houdt Noord-Holland boven Water af. Na ruim tien jaar wethouderschap in Hoorn – verdeeld over twee periodes – blikt hij samen met Friso de Zeeuw en Henry Meijdam terug op de ontwikkeling van Noord-Holland Noord én vooruit op de economische uitdagingen die de regio te wachten staan.
Arthur Helling stond bekend als een bestuurder met een sterke regionale oriëntatie en een scherpe analytische blik. In de podcast wordt teruggekeken op zijn inzet voor arbeidsmarktontwikkeling, economische samenwerking en regionale vernieuwing. Al vroeg experimenteerde Hoorn met vernieuwende vormen van arbeidsmarktbeleid en samenwerking tussen bedrijven. Ook binnen het sociaal domein koos de gemeente voor een onorthodoxe aanpak van de bijstand, waarbij juist werd ingezet op het voorkomen van instroom. Volgens Helling werkte die aanpak zo goed dat onderdelen later hun weg vonden naar landelijke wetgeving.
Tegelijkertijd kijkt Helling nadrukkelijk vooruit. Zijn analyse is helder: de regio staat voor grote structurele veranderingen. “Ons huidige welvaartsniveau gaan we verliezen”, stelt hij. Vergrijzing, arbeidsmarktkrapte en economische transities zullen volgens hem steeds nadrukkelijker voelbaar worden. Juist daarom is een nieuwe economische koers nodig, waarin overheid, bedrijfsleven en onderwijs gezamenlijk optrekken.
Een belangrijk deel van het gesprek gaat over de ruimtelijk-economische toekomst van Noord-Holland Noord. Daarbij komen de concept-ontwerp Omgevingsvisie van de provincie, het Ontwikkelperspectief Noord-Holland Noord en de ruimtelijk-economische agenda van het Economisch Forum – De Voorzet – uitgebreid aan bod.
Volgens Helling zijn nieuwe bedrijventerreinen noodzakelijk om de regio economisch vitaal te houden. De ruimte daarvoor is er, maar uitvoering blijkt ingewikkeld. Hoge grondprijzen, gebrek aan risicodragend kapitaal en netcongestie maken ontwikkeling lastig. Waar gemeenten vroeger makkelijker zelf investeerden in bedrijventerreinen, zijn die mogelijkheden tegenwoordig beperkter geworden.
Publiek-private samenwerking ziet Helling als een belangrijk deel van de oplossing. Tegelijkertijd vraagt dat volgens hem ook om meer regionale samenwerking en bestuurlijke slagkracht. De autonomie van gemeenten maakt gezamenlijke keuzes soms ingewikkeld, terwijl juist regionale afstemming nodig is om grote opgaven vooruit te helpen.
Over het Ontwikkelperspectief Noord-Holland Noord is hij voorzichtig positief. Juist doordat daarin de grote lijnen zijn uitgewerkt zonder alles al volledig dicht te regelen, ziet hij kansen om richting het Rijk sterker zichtbaar te maken wat Noord-Holland Noord economisch betekent voor Nederland. “We kunnen heel veel zelf, maar we hebben ook hulp nodig.”
De rode draad in het gesprek is duidelijk: Noord-Holland Noord kent grote economische kansen, maar die vragen wel om keuzes, samenwerking en investeringen. Niet alleen vanuit de overheid, maar juist ook samen met ondernemers en onderwijsinstellingen. Alleen dan blijft de regio economisch sterk en toekomstbestendig.
